Tag Archives: ui

Romige kalkoensaus

Ik ben me langzaamaan aan het installeren, en dat betekent dat ik ook het echte koken weer een beetje oppak. En dus voor het eerst in tijden weer een echt recept.

Nodig:

  • 2 kalkoenschnitzels
  • 2 uien (of 1 grote)
  • 1½ – 2 paprika’s, verschillende kleuren
  • champignons
  • 1 kippenbouillonblokje
  • 1 pakje kookroom (crème de Normandie)
  • peper
  • boter
  • eventueel maïszetmeel (bijv. Maizena)

Snijd het vlees in reepjes; niet te dun.
Snipper de ui en de paprika.
Snijd de champignons in plakjes of stukjes.

Smelt wat boter in een pan, en bak daarin de reepjes kalkoen kort aan. Schep het vlees met een schuimspaan uit de pan, en zet het opzij.

Fruit de ui een paar minuten in het achtergebleven vet, en voeg dan de paprika toe. Laat dit even samen fruiten, en voeg dan de paddenstoelen toe. Brokkel het bouillonblokje erbij, en roer het spul door elkaar. Als er niet genoeg vocht vrijkomt om het bouillonblokje op te lossen, doe er dan een scheutje water bij (maar niet teveel); een scheutje witte wijn zou eventueel een alternatief kunnen zijn.

Schep de kalkoen erdoor, en laat het geheel pruttelen totdat de kalkoen gaar is. Voeg dan de room toe, en peper naar smaak, en geef het nog een paar minuten. Als de saus erg dun is, maak dan een theelepel Maizena aan in een beetje koud water, en laat dat nog een minuut of 2 meepruttelen.

Serveer met gebakken aardappels of pasta. Of rijst of aardappelpuree of waar je trek in hebt; dat moet je ook eigenlijk zelf weten.

Smakelijk!

Rata à l’hobo

Ratatouille. Maar dan in de rubriek Hobo food, dus het moet goedkoop, snel, en met weinig gereedschap en gedoe. In het kort betekent dat dat we:

  • de aubergine achterwege laten, want die is te duur
  • het bouquet garni vervangen door Provençaalse kruiden, want dat is minder gedoe
  • gas uitsparen door het spul niet 3 kwartier te laten pruttelen om de tomaten tot saus te koken

Daar gaan we.

Nodig, voor 1 persoon:

  • een kleine courgette
  • een halve rode paprika
  • een halve groene paprika
  • een kleine ui (of een halve grote, natuurlijk)
  • een blikje tomatenpuree (zo’n kleintje)
  • Provençaalse kruiden
  • knoflook
  • zout
  • peper
  • olijfolie

Uiteraard kun je, in plaats van 2 kleuren paprika te nemen, ook gewoon voor 1 kleur kiezen. Maar ik wilde zo dicht mogelijk bij het oorspronkelijke recept blijven, en morgen verzin ik wel iets voor de andere 2 helften.

Je hebt voor dit gerecht een wok, koekenpan of sauspan met deksel nodig.

Was de courgette en de paprika, en snijd ze in blokjes. Snipper de ui.

Verwarm wat olie in de pan (niet te zuinig!), en bak hierin de groenten even aan op hoog vuur, onder constant omscheppen. Als de courgette en de ui een beetje glazig van kleur worden, schep je er naar smaak Provençaalse kruiden door (niet te zuinig!), doe je de deksel op de pan, en zet je het vuur laag. Schep af en toe om.

Als de groenten bijna gaar zijn — minuut of 10; beetje afhankelijk van de hoeveelheid en de grootte van de blokjes — schep je er de tomatenpuree doorheen, en voeg je knoflook (niet te zuinig!), peper en zout naar smaak toe. Als de prut in de pan erg droog is, kun je eventueel een klein beetje water (zuinig!) toevoegen.
Deksel terug op de pan, en samen nog even een paar minuten doorwarmen.

In de Provence, waar dit gerecht vandaan komt, eten ze ratatouille graag met gegrild vlees (barbecue!). Maar het gaat ook prima, zoals voor mij vanavond, met zilvervliesrijst; omdat vlees nou eenmaal niet iedere dag in het budget past.

Smakelijk!

Tortilla Lorraine

Een soort kruising tussen Spaanse tortilla (aardappel, ui en ei) en quiche lorraine (spek en kaas). Erg lekker en erg voedzaam.

Nodig:

  • 1 grote aardappel (of 2 kleinere, natuurlijk), geschild of gewassen, en in kleine blokjes
  • een halve ui, gesnipperd of in halve ringen
  • een half pakje spekblokjes
  • 4 of 5 eieren (afhankelijk van de grootte)
  • geraspte kaas
  • zout
  • peper
  • knoflookpoeder of -vlokken

Verwarm wat (olijf)olie in een kleine koekenpan met een hoge rand, en bak daarin de spek kort aan. Voeg de ui toe, en bak ze samen nog even kort. Schep de aardappelblokjes erbij. Laat dit alles zachtjes bakken; regelmatig omscheppen.

Kluts de eieren met peper, zout en knoflook; schep er vervolgens de kaas doorheen.

Als de aardappelblokjes gaar zijn, draai je het vuur zo laag mogelijk. Giet er dan het eimengsel overheen, en schep het spul door elkaar, zodat het ei zich goed verdeelt. Leg een deksel op de pan.

Wanneer het ei helemaal gestold is, laat je de koek uit de pan op een bord (of op de deksel) glijden. Leg dan de koekenpan omgekeerd op het bord, en draai het spul in 1 beweging om, zodat de omelet omgekeerd in de pan ligt. Zet de pan nog even terug op het lage vuur, zodat ook de andere kant een korstje krijgt.

Dit gerecht combineert verrassend goed met goedkope tafelwijn.

Mocht je het niet allemaal in 1 keer op kunnen (en die kans is zeker aanwezig): tortilla is koud ook lekker.

Let op:
Dit recept heeft tijd nodig: aardappels van rauw naar gaar bakken zonder de buitenkant te verbranden kost tijd, en eieren laten stollen op laag vuur ook.

Smakelijk!

Geen cassoulet

Bijna op de kop af een jaar geleden (maar voor mijn gevoel een heel mensenleven geleden) maakte ik cassoulet op het kooksetje dat ik mee zou nemen op mijn pelgrimage. Ik schreef toen dat ik hoopte in het zuiden van Frankrijk een keer de echte te proeven.

Momenteel zit ik relatief dicht bij de cassoulet-streek (hemelsbreed zo’n 150-200 km van Castelnaudary, waar volgens de legende de cassoulet ontstaan is), maar er is geen restaurant-budget. En ook toen ik hier langs kwam pelgrimeren, zat een restaurant er niet in. Het dichtste dat ik bij cassoulet kom, zijn dus de blikken kant-en-klaar waarvan er hier altijd wel een paar op de plank staan. En die zijn niet geweldig.
Maar met een beetje fantasie kun je daar best nog iets acceptabels van maken.

Nodig:

  • een blik cassoulet
  • ½-1 pakje spekblokjes (lardons fumés)
  • 2-3 ongeschilde, gewassen aardappels (de hoeveelheid is uiteraard erg afhankelijk van de grootte van de aardappels, en het aantal zwervers met wie je de maaltijd moet delen)
  • een halve ui (een hele mag ook)
  • een groentebouillonblokje
  • vers gemalen zwarte peper
  • eventueel wat geraspte kaas

Zet een koekenpannetje op halfhoog vuur (of moet dat zijn ‘halflaag’?), en schep de spek erin. Snijd de aardappels in blokjes, en schep die erbij. Snipper de ui en schep die er ook bij. Verkruimel het bouillonblokje boven de pan, en voeg naar smaak peper toe. Draai het vuur laag, leg een deksel op de pan, en schep het spul af en toe om tot de aardappelblokjes gaar zijn.

Leeg het blik cassoulet in een pan. Als je de beschikking hebt over een tweede pit of een gaskachel, kun je de cassoulet alvast zachtjes op temperatuur laten komen.

Als de aardappelblokjes gaar zijn, schep je de inhoud van de koekenpan bij de cassoulet. Laat het geheel nog minstens een kwartier heel zachtjes pruttelen.
Eventueel kun je er een paar minuten voor je het serveert nog wat geraspte kaas doorheen scheppen.

Smakelijk!

Italiaanse stoofschotel

Een beetje van mezelf, en een beetje van een aantal andere recepten…

Nodig:

  • kippenbouten, zonder vel
  • olijfolie
  • zout
  • peper
  • bloem
  • rode paprika, schoongemaakt en in stukjes
  • rode ui, schoongemaakt en gesnipperd
  • knoflook, schoongemaakt en geperst of geraspt
  • kippenbouillon, blokjes of poeder
  • saffraan
  • zongedroogde tomaat in olie
  • tomaatblokjes uit blik
  • olijven
  • champignons, schoongemaakt en in plakjes
  • droge witte wijn

Hoeveelheden? Lastig te zeggen, maar het hele spul zonder de kip moet genoeg zijn om de kip koppie-onder te laten pruttelen… 🙂

Verwarm de oven voor op 180 graden.

Maak bouillon. Gebruik hiervoor 150-200 cc water op 1 blokje of 1 theelepel poeder. Draai het vuur uit als de bouillon kookt, en roer de saffraan erdoor (1 zakje per bouillonblokje). Zet dit opzij.

Meng een paar lepels bloem met wat zout en peper. Haal de kip door de bloem, en bak deze vervolgens in een braadpan in een paar minuten aan beide kanten goudbruin. Haal de kip uit de pan, en leg die opzij.

Bak de ui, paprika en knoflook een paar minuten in dezelfde pan. Voeg dan de tomaat (allebei), de champignons en de olijven toe, en laat dit een paar minuten pruttelen. Giet vervolgens de bouillon en een flinke scheut (of een paar) wijn erbij, en breng het aan de kook.

Leg de kip in een ovenvaste schaal en giet de saus erover. Deksel erop, en een uurtje in de oven.

Lekker met gebakken aardappels en een salade van komkommer, tomaat, rode ui, olijf en mozarella. En een wijntje natuurlijk.

Tip:
Mijn ervaring is dat je het vel het makkelijkst van de kippenbouten krijgt met een slank, scherp mes met een scherpe punt.

Smakelijk!

Aardappel-shoarma-schotel

Het is zo makkelijk om kant-en-klaar spul op te leuken tot iets dat een stuk lekkerder is dan wat de supermarkt in gedachten had…

Het shoarma-vlees was in de aanbieding. Vlees meegenomen, pita’s en knoflooksaus laten liggen.

Nodig:

  • shoarma-vlees
  • een paprika
  • een ui
  • voorgekookte aardappels of krieltjes

Maak de ui en de paprika schoon en snipper ze. Snijd de aardappels door als de stukken erg groot zijn.

Bak het vlees met de ui en de paprika in wat olie in een wok of hapjespan tot het vlees rondom dichtgeschroeid is, de paprika een beetje zacht, en de ui een beetje glazig. Schep alles dan met een schuimspaan of frituurlepel uit de pan, en zet apart.

Bak de aardappels in het achtergebleven vet rondom bruin.

Schep het vlees erbij, en laat alles onder regelmatig omscheppen samen gaar worden.

Serveer met een frisse salade (die je ook kant-en-klaar in het koelvak bij de supermarkt vindt 😉 ).

Smakelijk!

Tavuklu makarna

Even een vlug receptje, omdat het alweer een tijd geleden is (en omdat ik best lekker gegeten heb).

‘Makarna’ is Turks voor ‘pasta’, ‘tavuklu’ is ‘met kip’. Daar zijn dus honderden recepten voor te verzinnen. Deze komt uit mijn eigen koker.

Nodig:

  • 250 gr. arpa şehriye (turkse pasta die er een beetje uit ziet als rijst)
  • kipbouillon, 1 blokje of een flinke theelepel poeder
  • 2 kipfilets
  • 3 tomaten
  • 1 ui
  • 2 teentjes knoflook, geperst of geraspt
  • 2-3 tl. döner kruiden

Snijd de kipfilet en de tomaat in blokjes, en de ui in halve ringen.

Kook de pasta in ruim water met de bouillon. Giet daarna af, en laat staan met de deksel op de pan.

Schroei ondertussen de kip rondom dicht in een hapjespan met wat olie. Voeg de knoflook toe, en strooi de kruiden erover. Giet er eventueel een heel klein beetje water bij zodat je de kruiden makkelijker over het vlees kunt verdelen. Bak even terwijl je blijft omscheppen, en doe de ui erbij. Blijven omscheppen tot de ui een beetje glazig wordt, en dan de tomaat erbij. Even met elkaar laten bakken, en dan de pasta erdoor. Nog even al omscheppend goed doorwarmen, en klaar.

Smakelijk!

Draadjesvlees

Ook weer zoiets waarvoor ieder z’n eigen recept heeft. Dit is het mijne. Zo simpel als maar kan.

Nodig:

  • sukadelappen
  • rode wijn (goedkoop, beetje stevig)
  • ui
  • zwarte peper
  • zout
  • rundvleesbouillonblokjes
  • roomboter
  • olijfolie

Maak bouillon van de bouillonblokjes. Gebruik iets minder water of iets meer bouillonblokjes dan op de verpakking wordt aangegeven. Houd de bouillon warm.

Wrijf het vlees aan beide kanten in met peper en zout. Maak de ui schoon, en snijd die in ringen.

Verwarm een klont boter en een scheut olie in een braadpan. Bak hierin het vlees aan beide kanten bruin. Voeg dan de uiringen toe, en laat deze nog even meebakken.

Schenk flink wat wijn in de pan; ongeveer zoveel dat je denkt ‘dit is volgens mij al best veel’, en dan nog wat. (Dit is ook een mooi moment voor je tweede glas wijn. 😉 )
Giet er zoveel bouillon bij, dat het vlees helemaal onder staat. Bewaar de bouillon die je over hebt.

Laat het geheel 2½ tot 3 uur zachtjes pruttelen. Keer af en toe het vlees om. Als het vlees boven de vloeistof uitkomt, schenk dan nog wat bouillon (en eventueel nog wat wijn) bij.

Lekker met simpele hollandse kost (sperzieboontjes, andijvie, …).

Tip:
Als het lukt om wat over te houden, zet je de volgende dag tegen lunchtijd de pan op het vuur (zonder deksel) en ga je een patatje halen. Tegen de tijd dat je terugkomt, is het vlees helemaal kapotgekookt, en de jus ingekookt tot een dikke saus. Schep dat over de patat.

Smakelijk!

Krotensalade

Sommige mensen zeggen ‘bieten’, maar dat lijkt mij teveel op ‘suikerbieten’.

Dit recept is heel losjes geïnspireerd op de krotensalade die ik vorige week bij een Turks restaurant at.

Nodig:

  • verse kroten (of bieten)
  • laurierblaadjes
  • verse koriander
  • ui
  • (walnoot)olie
  • (witte wijn)azijn

Was de kroten, en kook ze zo’n 3 kwartier met 2 of 3 laurierblaadjes (prik in de bieten om te voelen of ze gaar zijn). Giet ze af, en laat ze een beetje afkoelen. Gooi de laurierblaadjes weg.

Schil de kroten; als het goed is, kun je de schil er zo af ‘knijpen’, maar eventueel kun je de natuur een handje helpen met een aardappelschilmesje. Snijd de kroten dan in blokjes.

Maak de ui schoon en snipper die grof.

Schep de ui door de kroten, knip of snijd wat korianderbladeren fijn en strooi die erover, en giet er wat olie en azijn over. Schep alles door elkaar, en laat het geheel in de koelkast goed koud worden.

Tip:
Het is voor supermarkten momenteel heel hip en modieus om kruiden- en specerijenplantjes te verkopen. De kans is groot dat daar koriander tussen staat. Als je supermarkt die plantjes niet verkoopt, is de kans groot dat er verse kruiden in het koelvak bij de groenten liggen.

Smakelijk!

Het woord ‘krotensalade’ ziet er trouwens wel een beetje vies uit; ik denk dat ik snap waarom sommige mensen liever ‘bietensalade’ zeggen…

Bigos

Bigos is Pools en wordt in het Engels Hunter’s stew genoemd, de stoofschotel van de jagers. Ook dit is weer zo’n gerecht waarvoor geen vast recept bestaat: het werd gemaakt van de houdbare zaken die de jagers bij zich hadden, het vlees dat ze schoten, en de planten en paddestoelen die ze vonden in het bos.

Overeenkomsten tussen de verschillende recepten zijn in ieder geval de zuurkool, en dat er meerdere soorten vlees gebruikt worden. Mijn variant is gemaakt van ingrediënten die je kunt krijgen bij een Nederlandse supermarkt. (Eén van de gebruikte vleessoorten is eigenlijk altijd kielbasa, een Poolse worst, maar die heb ik moeten vervangen door cervelaat, omdat de Wateringse C1000 nog niet in de gaten heeft dat een kwart van de inwoners van het Westland inmiddels uit Oost-Europa komt…)

Uiteraard zijn onderstaande hoeveelheden slechts een indicatie.

Nodig:

  • 500 gram zuurkool
  • 250 gram varkenslappen, in blokjes
  • een pakje spekblokjes
  • 100 gram cervelaat of salami, in stukjes of plakjes
  • 200 gram champignons, schoongemaakt en in plakjes
  • 2 laurierblaadjes
  • 1 ui, gesnipperd of in halve ringen
  • 1 blikje tomatenpuree
  • 2 teentjes knoflook, geraspt of geperst
  • een klein handje kummel (karwijzaad)
  • een paar jeneverbessen, gekneusd
  • 1 à 2 theelepels paprikapoeder
  • een eetlepel marjolein
  • een fles witte wijn
  • zout
  • zwarte peper

Doe de zuurkool in een vergiet, pluk het uit elkaar (met 2 vorken of met je vingers), en spoel het goed af onder de kraan. Laat uitlekken.

Kruid de stukjes varkenslap met zout en peper.
Verwarm wat olie en/of boter in een braadpan, en schroei daarin de stukjes varkensvlees rondom dicht. Doe dan de spek, worst en ui erbij, en bak dit nog even mee tot de ui glazig en zacht wordt.

Voeg paprikapoeder, marjolein, knoflook, laurierblaadjes, jeneverbessen, kummel, tomatenpuree, champignons en zuurkool toe, en schep alles goed door elkaar. Giet tot slot de wijn erbij, en vul aan met water tot alles ‘onder’ staat.

Deksel op de pan, even warm laten worden, vuur laag, en een paar uur laten pruttelen. Veel recepten zijn het erover eens dat je dit eigenlijk in een dag of 3 moet klaarmaken, waarbij je het elke dag een uurtje laat pruttelen en weer afkoelen; ik gok dat de jagers die dit recept verzonnen gewoon een ketel klaarmaakten die groot genoeg was om meerdere dagen van te eten.
Laat tot slot nog een tijdje pruttelen zonder deksel zodat het vocht kan verdampen; regelmatig roeren, anders bakt het vast aan de bodem van de pan.

Voor je het gerecht op tafel zet even de laurierblaadjes eruit vissen.

Je eet dit bij voorkeur met zwaar bruin brood (bijvoorbeeld desembrood), en uiteraard koop je dat dan ongesneden, zodat je er als een echte stoere jager hompen vanaf kunt scheuren. Maar met aardappels mag ook, en ik heb zelfs een recept gezien waarbij er rijst meegekookt werd in de pan.

Tip:
Je hebt hiervoor een grotere braadpan nodig dan je op het eerste oog zou verwachten.
Bovenstaande is genoeg voor 4 volwassenen.

Smakelijk!